De woordenschat die deze week aan bod kwam: dokter, dokterstas, stethoscoop, spatel, thermometer, spuit, tandarts, gebit, tandenborstel, tandpasta, poetsen, apotheek, medicijn, pleister,... .
Er kwam een dokter en een tandarts op bezoek om te vertellen over hun beroep. We brachten ook een bezoek aan de apotheek.